Straks vallen er slachtoffers.

In een geradicaliseerde volkse samenleving catalonië, zit het niet lekker.*

De klok heeft het eerste uur van het nieuwe jaar 2019 geslagen. Op de dansvloer wordt getwist. Twist and shout.  Een cadeau van The Beatles uit de 60s, een voor het lichaam bevrijdende expressie. Kom nu, schud het, schud het, schud het, baby nu. De tijd van het saaie, seksloze stijldansen, gebonden aan strakke regels, was definitief voorbij. De fenomenologie van het lichaam had zijn intrede gedaan: de muziek en niet de filosofie had gewonnen. Ik beleefde het weer allemaal. Op de dansvloer waren mensen van ongeveer of boven mijn leeftijd, jonge ouderen, die nog best door de knieën konden zakken. Dronken of niet.

Als een ..jarige van toen bewoog ik wild tussen de vooral sjieke geklede dames; de benen gebogen, draaide ik mijn knieën naar binnen en kromde achterover zo ver ik kon…; heupen en ellenbogen heen en weer in tegengestelde beweging, dit tot grote hilariteit van de dames. Tot dan niets aan de hand. Toen een catalaanse rumba werd ingezet: de muziek heeft veel weg van de flamenco, met ver weg Arabisch aandoende klanken, schoof ik mij weer tussen de lacherige dames als een matador die zwaaiend met zijn vest, een wild dansende dame lokken. Er ontstond een eiland van hijgende flamingo danseressen. Krakende botten of waren het de korsetten. Trouwens, iedereen had wel iets op.

Die kringdans had ik niet moeten doen.

Hoe had ik zo stom kunnen zijn, tussen de feestvierende catalanen die geen dag kunnen wachten op het uitroepen van de republiek catalonië; dromen die zo vers zijn -het liefst over de ruggen van de meerderheid, de neezegger- om deze dans, deze warme expressie van een matador na te doen? Ik heb het geweten. Dat is SPAANS!

Een gedrongen man sprong tussen mij en de dames in en sommeerde, wild gebarend, iedereen van de dansvloer. Als een wilde stier kwam hij op mij af, met de briesende woorden: Hier is het catalonië en niet spanje. Een poging het een en ander uit te leggen kon geen baat vinden bij hem, waar het hete catalaanse vuur brandde, en hij met dreigende doorbloede ogen -oude bokken hebben stijve horens- aan alle hijgende vrouwen die aan de rand van de dansvloer stonden te treuzelen vroeg de wufte ceremonie onmiddellijk te staken. Nog een keer herhaalde hij dat ik mij in catalonië bevond en niet op het schiereiland dat spanje heette. Ik droop af. De dansvloer bleef leeg. De catalaanse fascist had gezegevierd. En de dansvloer bleef langer leeg…

Zo begon 2019 en zo zal het ook wel blijven. Alles wat Spaans is is vies. De breuk tussen catalanen en spanjaarden, een diepe emotionele breuk die steeds onaangenamer wordt; de neveneffecten groter dan de gewenste resultaten: wil men oorlog? Ik zie hierin een apocalyptisch verlangen tot het zuiveren van alles wat Spaans is. De catalaanse hartstocht is groter dan de vrijheid van een ander in zijn waarde te laten.

Toen ik buiten stond en aan een balkon een eenzame Spaanse vlag zag hangen kon ik deze gedachte niet onderdrukken: Ik woon in een geradicaliseerde samenleving.

 

*Landen schrijf ik met een kleine letter.
1 januari 2019 Gerona Catalonië Spanje.